Carola is 43 jaar. Ze heeft fibromyalgie (reuma in de weke delen) en is chronisch vermoeid. Door haar ziekte heeft ze veel pijn. Na advies van een vriendin kwam ze bij MEE terecht.

Carola: ‘Ik heb lang niet kunnen accepteren dat ik ziek was en dat mijn lichaam faalde. Toen ik steeds zieker werd, kreeg ik een hele zware depressie. Ik wilde nog zoveel doen, maar dat kon niet meer. Ik had hulp nodig.’

Van scootmobiel naar bewustwording
Carola: 
‘Aanvankelijk vroeg ik Miriam, mijn cliëntondersteuner, of ze mij kon helpen met de aanvraag voor een scootmobiel. Door mijn depressie zat ik veel binnen. Mensen om mij heen zeiden: ‘Je moet weer onder de mensen komen, je moet er op uit.’ En omdat ik moeilijk loop, dacht ik dat een scootmobiel de oplossing was. Maar Miriam signaleerde direct dat mijn vraag om hulpmiddelen een schreeuw was om andere hulp. Zij had in de gaten dat ik veel depressiever was vanwege mijn ziekte dan dat ik liet zien. En zij stelde de juiste vragen om achter de kern te komen.’

Er volgden meerdere gesprekken met Carola, haar man en zoon. Daaruit kwamen verschillende andere zaken naar voren. Carola heeft moeite met het gegeven dat ze vaak moe is en pijn heeft. Daardoor is ze vaak boos en gefrustreerd, maar ze heeft ook last van schuldgevoelens ten opzichte van haar gezin. Dit brengt veel stress met zich mee. Langzaam aan gleed ze in een depressie die steeds erger werd. Carola sluit zich meer en meer af van de buitenwereld, omdat ze behoefte heeft aan stabiliteit en rust.

Wat heeft Carola nodig?
Miriam, cliëntondersteuner van Carola: ‘Tijdens de gesprekken maakten we voor Carola inzichtelijk op welke vragen zij een plan wil maken en wie uit haar netwerk kunnen meedenken. Daaruit bleken andere thema’s naar voren te komen, zoals acceptatie van de ziekte, pijn en laag energieniveau. Ik stelde voor om een netwerkbijeenkomst te organiseren. Daarin komen mensen uit de naaste omgeving van Carola en die voor haar belangrijk zijn, bij elkaar. Aan het begin van de bijeenkomst gaven we hen de informatie die nodig is om inzicht te krijgen in de problemen en knelpunten die er zijn.’

Carola: 
‘Miriam vermoedde dat mijn netwerk uitkomst kon bieden. Ze hielp mij mijn netwerk in te schakelen en versterken door een kernteam samen te stellen uit mijn directe omgeving. Mensen die ik vertrouw, waar ik me veilig voel. Waar ik hulp aan kan vragen. Mijn kernteam bestaat uit familie en vrienden. Dat netwerk was er in het verleden natuurlijk ook, maar ik heb nooit om hulp durven vragen.’

Netwerkversterking zet Carola weer in haar kracht
Tijdens de intensieve netwerkbijeenkomst gaven de mensen uit Carola's netwerk haar adviezen en handvatten. Carola formuleerde in haar plan antwoorden op haar belangrijkste vragen en issues.

Miriam: 
‘Ik werk nu al een aantal jaren vanuit de visie en werkwijze van Sociale Netwerk Aanpak. Je kijkt dan heel breed naar de situatie van de cliënt. Door deze aanpak komt de essentie van het probleem snel boven tafel. Als dit benoemd is, focussen we op: hoe verder? Welk plan gaat de cliënt maken? Ik word vaak verrast door de creatieve oplossingen van het netwerk zelf!'

Carola: 'De beperkingen die mijn ziekte met zich meebrengt, vond ik moeilijk te accepteren. Dankzij de bijeenkomst durf ik nu zonder schuldgevoel te zeggen dat afspraken niet door kunnen gaan omdat ik teveel pijn ervaar of dat ik er te weinig energie voor heb. Ziek zijn mag, ik hoef niet meer voor mezelf en voor anderen te verbergen dat ik pijn heb. Dat mijn netwerk daar alle begrip voor heeft, geeft me een gevoel van veiligheid en kracht. Mijn onzekerheid, frustratie en boosheid maakten plaats voor meer zelfvertrouwen.'

Shamus en Jopi uit het kernteam
Onder andere Carola's zoon Shamus en Carola's vriendin Jopi zitten in haar netwerk en zorgen er voor dat ze niet te veel wordt belast.

Shamus, zoon van Carola: 
‘Ik zorg ervoor dat Carola niet te veel op zich neemt. Dat ze haar rust kan nemen. Niet te veel afspraken op één dag. Soms wil ze te veel en heeft ze niet in de gaten dat ze teveel plant. Verder help ik in het huishouden, met boodschappen doen en koken.’

Jopi, vriendin van Carola: 
‘Ik ben Carola's klankbord. Ik heb zelf niet-aangeboren hersenletsel en net als bij Carola, zie je bij mij aan de buitenkant ook niets. Ik weet dus als geen ander hoe het voelt als de buitenwereld over je oordeelt als je iets niet kunt. En hoe het voelt als mensen niet aan je kunnen zien dat je een beperking hebt, terwijl je wel hulp nodig hebt. Ik heb gezien hoe Carola zich positief ontwikkeld heeft dankzij de ondersteuning van haar netwerk. Ik heb haar zien veranderen in een hele positieve vrouw, die veel beter in haar vel zit.’

Stap voor stap sterker
Miriam: 
‘Wat mij het meeste opviel, is hoe snel Carola de draad oppakte na elk gesprek. Ieder gesprek bracht iets teweeg bij haar en stap voor stap groeide ze. Ze kreeg weer geloof in haar zelf. Hierdoor kon ze samen met haar netwerk de juiste besluiten nemen voor de vragen waar ze mee worstelde. Dat was heel mooi om te zien. Vooral als ik het eerste gesprek vergelijk met het laatste. Wat een enorme groei heeft ze doorgemaakt!’


Dankbaar
Carola: 'Ik heb veel aan de mensen uit mijn netwerk en ik zal in de toekomst nog op hen moeten leunen. Ik heb geleerd om wat makkelijker om hulp te vragen. Dat is fijn want ik weet nu dat ik het niet meer alleen hoef te doen. En dat heeft Miriam mij gegeven. Miriam heeft alles voor mij betekend. Zij heeft mijn netwerk vergroot en de deur weer opengezet naar buiten. Zonder haar, had ik nog steeds binnen gezeten of was ik opgenomen geweest, want ik was een gevaar voor mezelf.'

De toekomst van Carola
Carola: 'Ik zal nu en in de toekomst gebruik blijven maken van mijn netwerk. Dat geeft me lucht en het gevoel dat ik er niet meer alleen voor sta.'

Carola heeft het hele proces afgesloten met het schrijven van een boek. Het boek is inmiddels uitgegeven. Daar is ze heel trots op en het geeft haar kracht.

Carola 300x300